Leven langs het Overijssels Kanaal
3 min
108 x gelezen

Met de opening van het Overijssels Kanaal kreeg Salland een drukke vaarroute. Schepen vervoerden goederen tussen Zwolle, Deventer, Almelo en de omliggende dorpen. Langs het water ontstond een levendige wereld van schippers, brugwachters, sluiswachters en werklieden. Voor veel mensen was het kanaal een belangrijke plek om te werken én te wonen.

Schepen op het kanaal

De eerste schepen die over het kanaal voeren waren vooral zompen en pramen. Ze waren geschikt voor ondiep water en vervoerden onder andere turf, zand en graan. Later verschenen grotere trekschuiten en aken. Vanaf 1883 voeren ook de eerste stoomboten over het Overijssels Kanaal. In het begin van de twintigste eeuw deden de eerste motorboten hun intrede, die uiteindelijk de oudere scheepstypen verdrongen.

Langs het jaagpad

Niet ieder schip kon op eigen kracht varen. Bij windstil weer of een ongunstige wind werden schepen voortgetrokken vanaf het jaagpad. Dat gebeurde door een paard of door een scheepsjager.

In bochten werd gebruikgemaakt van een rollepaal om het schip op koers te houden. Soms hielpen ook de vrouw en kinderen van de schipper mee met het voorttrekken van het schip.

Bruggen en brugwachters

Langs het kanaal lagen vlotbruggen, draaibruggen en later ophaalbruggen. Zodra een schip naderde, opende de brugwachter de brug en werd het wegverkeer tegengehouden.

Brug- en sluiswachters inden ook het tolgeld voor het gebruik van bruggen en sluizen. Dat gebeurde met een houten klomp aan een lange stok, zodat schippers het geld vanuit hun schip konden overhandigen. Veel brugwachters woonden met hun gezin direct langs het kanaal en combineerden hun werk met een klein landbouwbedrijf.

Onderhoud aan het kanaal

Om bruggen, vlonders en beschoeiingen te onderhouden werd in Raalte de MOK-werf ingericht. Hier werden geen schepen gebouwd, maar houten onderdelen van het kanaal gerepareerd. De twee karakteristieke houten gebouwen zijn bewaard gebleven en herinneren nog altijd aan deze periode.

Vrije tijd aan het water

Het kanaal speelde niet alleen een rol in het werk, maar ook in de vrije tijd. Kinderen leerden er zwemmen en langs het water kwamen de eerste fietspaden. In koude winters veranderde het kanaal in een lange ijsbaan. De officiële Toertocht Salland liep zelfs grotendeels over het ijs.

Ook in de jaren tachtig bleef het kanaal een plek voor recreatie. Bij Heino werden wedstrijden waterskiën achter auto's georganiseerd, waarbij duizenden bezoekers kwamen kijken.

Een waterweg vol verhalen

Hoewel de beroepsvaart verdwenen is, zijn de sporen van het verleden nog altijd zichtbaar. Bruggen, jaagpaden en de MOK-werf herinneren aan de tijd waarin het Overijssels Kanaal een levendige waterweg was. Ze vertellen het verhaal van de mensen die hier woonden, werkten en reisden.

Wat vind je van de informatie op deze pagina?

Tip je vrienden
Tip