Losloopgebieden

In de meest gevoelige periode voor de natuur, van april tot half juni wordt in het Nationaal Park De Sallandse Heuvelrug extra gelet op loslopende honden. De toezichthouders zijn met name streng in het zeer kwetsbare centrale heidegebied en de randzones.

Om aan de wens om honden los te laten lopen tegemoet te komen, heeft Staatsbosbeheer een paar minder kwetsbare stukken aangewezen waar honden wel los mogen lopen (zie kaartje). Maar ook hier mogen ze natuurlijk niet de rust van andere dieren verstoren. In deze losloopgebieden blijft de baas verantwoordelijk voor zijn hond. Verder geldt in het totale gebied van de Sallandse Heuvelrug, zowel in het nationaal park als daarbuiten een aanlijnverplichting. Vooral in het voorjaar wordt hier streng op gelet.

Het effect van loslopende honden in de natuur wordt vaak onderschat. Tal van vogelsoorten broeden en rusten op de bosbodem en in de heidevelden. Maar ook zoogdieren en reptielen laten zich opjagen door rondstruinende honden. Stuk voor stuk zijn het dieren die hun (dag)rust hard nodig hebben en zo voldoende energie overhouden om later voedsel te zoeken. Wanneer wilde dieren te vaak opgejaagd worden, kunnen ze door stress of vermoeidheid sterven. Opjagen gebeurt niet alleen als de hond achter de dieren aangaan: de aanwezigheid van een loslopende hond op zich verstoort de in de natuur aanwezige dieren. Jaarlijks treffen de beheerders opgejaagde reeën aan die zich letterlijk hebben doodgelopen tegen een afrastering of onder een auto zijn gekomen.